Who's Online
We hebben 4 gasten online
Inloggen





Wachtwoord vergeten?
Opleiding Afdrukken E-mail
Wednesday 29 September 2004

De vereniging heeft als doelstelling: het verzorgen van duikopleidingen en het bevorderen van de onderwatersport. Daarom wordt er, naast het opleiden van  1*, 2*,3* en 4* NOB brevetten, ook veel aandacht besteed aan theoretische kennis rondom het duiken die, net als de praktijk, op een modulaire manier gegeven wordt.

Duiken is namelijk een buitengewone sport die zich afspeelt in een omgeving waar de mens eigenlijk niet thuis hoort. Vandaar dat een gedegen training en een theoretische scholing onontbeerlijk zijn om een goede en vooral veilige sportduiker te worden, te zijn en te blijven.

Veilig voor je zelf maar ook voor je buddy,
want duiken mag je nooit alleen!

Duikopleidingen binnen DC-Ikan

De NOB hanteert voor haar brevetopleidingen het modulesysteem. Zo ook DC-Ikan. Dat wil zeggen dat de opleidingen voor elk brevet is verdeeld in onderdelen. Elke module heeft een leerdoel. Wanneer de leerling ten overstaan van de aangewezen instructeur aantoont dat hij de stof van zo'n module beheerst, dan mag de instructeur de betreffende module in het logboek van de leerling aftekenen. Een module beheersen is iets anders dan toevallig een keer een module goed doen!

Op deze manier is het mogelijk om binnen een aantal jaren een serie brevetten te behalen: 1*,2* 3* en 4* brevet.

Gestart wordt met een geduchte zwembadtraining (vanaf september). Deze richt zich voornamelijk op de snorkeltechniek en het opbouwen van de conditie. Daarna begint men half oktober met de persluchttraining. Vanaf die tijd volgen beurtelings trainingen gericht op snorkeltechnieken en persluchttrainingen. De apparatuur voor deze perslucht trainingen wordt door de vereniging ter beschikking gesteld. De basisuitrusting (vinnen, snorkel, duikbril, loodgordel en lood) met je zelf meebrengen.

De theorie wordt gegeven op basis van de NOB-instructieboeken.

Structuur van de opleiding

Het brevettensysteem van de NOB kent naast vijf brevetten voor duikers, ook vier brevetten voor instructeurs. De basisopleiding tot instructeur is de 1*instructeur. De 1*instructeurs kunnen zich weer verder laten opleiden tot uiteindelijk 3*instructeurs. In het kader van de opleidingen zijn diverse instructeurs gemachtigd praktijk- en theoriemodules af te tekenen.

De theoriemodules worden gemaakt zoals in het theorieboek staat aangegeven en per module wordt getoetst of de kandidaten de stof beheersen.

Als een cursist onverhoopt niet slaagt voor een toets, dan kan hij wel het theorieprogramma blijven volgen. Aan het einde van de theorielessen kan hij voor de modules die nog niet behaald zijn, opnieuw een toets maken.

De cursist moet alle benodigde theoriemodules met succes hebben afgerond, alvorens hij kan beginnen aan het buitenwaterprogramma voor het betreffende brevet.

In het zwembad zullen instructeurs voor de opleidingen zorgen. Ook de binnenwatermodules (1*) moeten met succes zijn afgelegd, voordat cursisten aan het buitenwateronderdeel beginnen. Verder moet de cursist zelf zorgen voor een geldige medische keuring.

In het buitenwater kunnen de oefeningen onder begeleiding van een voldoende gebrevetteerde duiker worden gedaan. De vereniging zorgt voor voldoende clubduiken om cursisten te laten oefenen.
Toont de cursist aan dat hij een module beheerst via de modulepas, dan tekent de module-afnemende (club)instructeur de module vervolgens af in het logboek van de cursist.


Beschrijving van de nieuwe brevetten in vogelvlucht

1*-duiker
De 1*-duiker wordt opgeleid om zelfstandig met minimaal een gelijkgebrevetteerde duiken te kunnen maken tot een diepte van 20 meter onder gelijke of lichtere omstandigheden dan waarin hij is opgeleid, mits hij te allen tijde binnen de nultijden blijft.

Om deel te nemen aan de opleiding tot 1*-duiker moet hij:
- lid zijn van de NOB;
- minimaal 14 jaar zijn.

Voordat het 1*-duikbrevet kan worden aangevraagd, moet hij minimaal vijf oefenduiken hebben gemaakt. De duiken die hij maakt in het kader van zijn opleiding tellen hiervoor mee.


De 1*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat de NOB-1*-duiker in zijn opleiding heeft geleerd.


De 1*-duiker kan zich verder in de duiksport verdiepen door het volgen van de 2*-duikopleiding of door het volgen van specialisaties (Droogpakduiken, Onderwaterbiologie, Basis Nitrox, Basis Onderwaterfotografie en Onderwateroriëntatie).


2*-duiker

De 2*-duiker doet in zijn opleiding ervaring op met het plannen en veilig uitvoeren van duiken onder diverse omstandigheden. Hierbij kun je denken aan getijdenwaterduiken, nachtduiken en duiken naar dieptes groter dan 20 meter.

Er wordt bovendien aandacht besteed aan de meest voorkomende aandoeningen: hoe herken je ze en hoe moet je erop reageren?
De 2*-duiker duikt binnen de nultijden.


Voordat het 2*-duikbrevet kan worden aangevraagd, moet de cursist in totaal minimaal 15 duiken hebben gemaakt. De duiken uit zijn vorige opleiding tellen hierbij mee, evenals de duiken die hij maakt in het kader van de opleiding.
 
Om deel te kunnen nemen aan de opleiding tot 2*-duiker moet hij:
- lid zijn van de NOB;
- minimaal 15 jaar zijn;
- beschikken over het 1*-duikbrevet of een gelijkwaardig ander brevet.

De 2*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Advanced Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat de NOB-2*-duiker in zijn opleiding heeft geleerd.


Een 2*-duiker kan verdergaan met de 3*-duikopleiding. Hij kan er ook voor kiezen om zich te verdiepen in specialisaties (IJsduiken, Wrakduiken, Zoeken en Bergen, Objectkartering, Driftduiken en Onderwaterfotografie).


3*-duiker

De 3*-duiker wordt opgeleid als "begeleidend duiker". Hij leert in het onderdeel Redden hoe hij moet reageren bij een duikongeval. Ook leert hij hoe hij duikers in opleiding kan begeleiden door duiktechnieken met hen te oefenen.
Tenslotte worden hem recente inzichten in de decompressietheorie aangeboden. Ook de 3*-duiker duikt binnen de nultijden.


Voordat het 3*-duikbrevet kan worden aangevraagd, moet hij in totaal minimaal 60 duiken hebben gemaakt. De duiken uit zijn vorige opleiding tellen hierbij mee, evenals de duiken die hij maakt in het kader van zijn opleiding.

Om deel te kunnen nemen aan de opleiding tot 3*-duiker moet hij:
- lid zijn van de NOB;
- minimaal 18 jaar zijn;
- beschikken over het 2*-duikbrevet of een gelijkwaardig ander brevet;

De 3*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Dive Master. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat de NOB-3*-duiker in zijn opleiding heeft geleerd.

Een 3*-duiker staat voor de keuze of hij zich verder gaat specialiseren in het duiken ?f dat hij kiest voor de instructiekant: de opleiding tot 1*-instructeur. Hij kan het natuurlijk ook allebei doen.


De 3*-duiker kan kiezen uit alle specialisaties, inclusief Decompressieduiken, Nitrox gevorderd en Introductie Grotduiktechnieken.


4*-duiker

Voor het 4*-duikbrevet is geen aparte opleiding. Het is een verzameling van specialisaties en duikervaring. Om het 4*-duikbrevet te kunnen aanvragen moeten zes specialisaties zijn gedaan. Er kan worden gekozen uit de specialisaties die vanaf het 2*-duikerniveau kunnen worden gedaan.


Voordat het 4*-duikbrevet kan worden aangevraagd, moet de duiker in totaal minimaal 250 duiken hebben gemaakt. De duiken uit zijn vorige opleiding tellen hierbij mee, evenals de duiken die hij maakt in het kader van zijn opleiding.


De 4*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Master Scuba Diver. Dit is een internationaal bekende benaming.

Het 4*-duikbrevet is bedoeld voor duikers die zich in hun hobby willen verdiepen. Het brevet is niet nodig om een instructeuropleiding te kunnen volgen.

Laatst geupdate op ( Tuesday 28 July 2009 )
 
< Vorige

Google routeplanner

Berekend de route naar het zwembad. en geeft eventueel sattelietbeeld

Adres:
Stad:
Land:
Postcode (Optioneel):